Wat er in de fles zit en wat het doet
Een probiotisch middel bestaat grofweg uit drie dingen: water, milde plantaardige reinigers en sporen van Bacillus-bacteriën. Die sporen zijn een soort slaapstand. Zolang ze droog en verpakt zijn, gebeurt er niets. Zodra ze op een vochtig oppervlak terechtkomen waar iets te eten valt, worden ze actief. Ze vermenigvuldigen zich en scheiden enzymen af: lipase voor vetten, protease voor eiwitten, amylase voor zetmeel. Elk enzym heeft zijn eigen specialiteit, zoals een sleutel op een slot past. De plantaardige reinigers doen intussen het directe werk. Zij maken het vuil los zodat je het met een doek of mop kunt opnemen. Wat je wegneemt, is dus gewoon weg. Het bijzondere zit in wat achterblijft: een dunne laag actieve bacteriën op het oppervlak, die de laatste onzichtbare vuilresten nog uren blijft opruimen. In poreuze oppervlakken zoals voegen, kunststof vloeren met een structuur of tegelwerk in een doucheruimte kruipen ze verder dan een doek ooit komt.